MAAK HET 'RECHT OP DECONNECTIE' CONCREET
3 ZAKEN OM REKENING MEE TE HOUDEN
Sinds 1 april 2023 genieten werknemers officieel van het “recht op deconnectie“, vaak ook het “recht om offline te zijn” genoemd. En terecht! Als je naar de cijfers kijkt, zie je dat de nood aan deconnecteren hoger is dan ooit. Om er enkele te noemen:
- Meer dan zes op de tien (64 %) Belgen heeft op dit moment moeite om te deconnecteren van het werk. (Waarvan 17% – één op de zes – zijn werk nooit vergeet).
- 46% van de Vlamingen maakt wekelijks overuren.
- En de gemiddelde Vlaming spendeert 3u08van zijn/haar dag op de smartphone.
‘Digital wellbeing’ hoort dus hoog op de prioriteitenlijst te staan van HR. Maar de vraag is natuurlijk: hoe pak je dat juist aan? Hoe maak je een relatief abstract recht concreet binnen jouw organisatie? Wij deden bij How’s Work alvast het opzoekwerk voor jou.
LAAT JE LEIDEN DOOR DE WETENSCHAP
Liefst laat je je leiden door wat de wetenschap te zeggen heeft over hippe begrippen zoals technostress, hyperconnectiviteit en digitale detox. En uit die wetenschap halen wij 3 zaken waar je best rekening mee houdt bij het nemen van deconnectie-acties voor jouw team of organisatie.
Digital detox als antwoord op digital overload is het equivalent van je chauffage een paar graden lager zetten om te besparen op je energierekening: obvious, maar niet écht nuttig.
#1 integrators vs sepArators
De werk-privé grens wordt niet door elke werknemer op dezelfde manier getrokken. De meesten bevinden zich op een continuüm tussen ‘separators‘ (bv. “Ik zet mijn werktelefoon ’s avonds uit en die gaat ’s ochtends pas terug aan”) en ‘integrators’ (bv. “Ik stop om 16u om mijn kinderen van school te halen en werk ’s avonds nog door”). Je eigen voorkeuren kennen en de verschillende voorkeuren binnen een team bespreekbaar maken, is een goede vertrekbasis voor concrete acties.
#2 DRIE VORMEN VAN DECONNECTIE
Acties rond digitaal deconnecteren zijn noodzakelijk, maar ook niet voldoende. Natuurlijk is het sterk om je telefoon ’s avonds fysiek weg te leggen, maar dat betekent nog niet dat je ook echt ‘unplugged’ bent van je werk. Gesprekken, taken en deadlines kunnen blijven hangen in je hoofd. Daarom is het belangrijk om naast acties rond digitaal deconnecteren ook de nodige handvaten te voorzien om psychologische en emotionele deconnectie te faciliteren. Hoe maak je de brug van werk naar privé? En wat met gesprekken of situaties die ‘blijven hangen’?
#3 KEN JE TECHNO-STRESSOREN
Technostress is een containerbegrip dat vele ladingen dekt. De twee meest genoemde stressoren zijn techno-overload (een teveel aan communicatiekanalen en de bijhorende onzekerheid over hoe snel hierop te reageren) en techno-invasion (de werksfeer die door technologie de privésfeer binnendringt). Beide stressoren vragen een andere copingstrategie, waarin communicatie en afspraken rond communicatiekanalen, reactietijd en werkuren centraal staan.
MAAK HET RECHT OP DECONNECTIE CONCREET!
Als werkgever is het dus je taak om duidelijke afspraken uit te tekenen over communicatie en het recht om offline te zijn. Liefst niet omdat het moet, maar wel omdat zowel het bedrijf als de werknemers er wel bij varen. Digitaal welzijn vermindert stress en verhoogt net de productiviteit. Een win-win van jewelste. Ga er dus liefst onmiddellijk mee aan de slag, voordat je afgeleid wordt door de eerstvolgende notificatie.
Kan je hulp gebruiken om het abstracte ‘recht op deconnectie’ verder te vertalen naar de praktijk binnen jouw organisatie? Neem gerust contact op voor meer informatie, opleiding, tools en concrete tips – online of offline, aan jou de keuze.