Categorieën
Wellbeing

Een andere kijk op leiderschap bij werkdruk

Longread: leiderschap bij werkdruk

Waarom minder werk niet altijd minder druk betekent

Elke leidinggevende weet: werkdruk is er altijd. In golven, in pieken, en soms gewoon permanent. Je probeert de druk te verlagen door werk te herverdelen, prioriteiten te stellen of tijdelijk iets over te nemen. En toch… merk je dat het niet altijd helpt.

Sterker nog: soms lijkt het de frustratie net te vergroten. Wat helpt er dan wél? Daarvoor moet je wat dieper graven: kijk eens naar wat voor stressoren aan de basis liggen. Daar gaan we in deze longread dieper op in. Zo helpen we je graag werkdruk in je team bespreekbaar én behapbaar te maken.

ray-harrington-SZLzXxbCTD0-unsplash

Werkdruk: het nieuwe normaal?

Misschien merk je het al in je eigen team, maar ook op grotere schaal zijn de signalen duidelijk: werkdruk neemt toe. Redenen genoeg daarvoor: zo is er de arbeidsmarktkrapte, het stijgend absenteïsme en het hogere verloop. Voeg daar nog de komst van AI bij, en je krijgt een werkcontext die tegelijk sneller én complexer is.

Volgens de Vlaamse Werkbaarheidsmonitor (SERV, 2023) ervaart 36,1% van de werknemers een hoge werkdruk – een forse stijging tegenover 31% in 2004. En die cijfers dateren nog van vóór corona, de hybride shift en de AI-revolutie. Werkdruk is dus niet langer een uitzondering, maar een realiteit voor velen.

En dat brengt jou als leidinggevende in een lastige positie. Want hoe weet je wanneer je moet ingrijpen? Of loslaten? Wanneer helpt een duwtje in de rug, en wanneer duwt het net richting overbelasting? Het antwoord begint bij het verschil tussen objectieve en ervaren werkdruk.

Hoe weet je als leidinggevende wanneer je moet ingrijpen? Of loslaten? Wanneer helpt een duwtje in de rug, en wanneer duwt het net richting overbelasting? Het antwoord begint bij het verschil tussen objectieve en ervaren werkdruk.

Waarom werkdruk niet altijd zichtbaar is

Werkdruk wordt klassiek gemeten aan de hand van drie vragen:

  1. Heb je te veel werk?
  2. Heb je te weinig tijd om je werk te doen?
  3. Heb je achterstand op het werk?

Op papier is dat een handige manier om trends te meten tussen sectoren of over de jaren heen. Maar jij als leidinggevende hebt daar weinig aan. Want zelfs als iemand op alle drie de vragen “nee” kan antwoorden, kan die zich toch totaal overbelast voelen.

Laten we dat even concreet maken met een (fictief) voorbeeld: Tom, een verpleegkundige, verzorgt op maandag tien patiënten in een shift van acht uur. Op dinsdag doet hij exact hetzelfde, maar loopt er iets mis bij een patiënt: een emotioneel gesprek volgt, en er is extra administratie nodig. Hij haalt het einde van zijn to-dolijst, maar voelt zich ’s avonds compleet leeg.

Volgens de klassieke meting: geen verschil. Volgens Tom? Een wereld van verschil

Strain: de tol van inspanning

Wat Tom voelt, noemen we strain: de fysieke of mentale belasting die werk op je legt. Denk aan vermoeidheid, spanning, piekergedrag of het gevoel dat je hoofd niet meer mee wil. Strain is onvermijdelijk als je je inspant. Maar hoe zwaar die belasting voelt, hangt niet alleen af van de hoeveelheid werk, maar ook van het soort druk.

Sommige dagen vragen veel, maar geven ook energie. Andere dagen kosten je vooral energie. Het verschil zit ‘m in het onderscheid tussen twee soorten stressoren.

Challenge of hindrance?

In de wetenschap maken we het onderscheid tussen:

CHALLENGE STRESSOREN

Denk aan complexiteit, verantwoordelijkheid, deadlines. Zwaar, maar zinvol. Als mensen hiermee goed kunnen omgaan – met duidelijke kaders, erkenning en ondersteuning – dan kunnen ze floreren. Deze uitdagingen zorgen voor meer motivatie, jobtevredenheid en verbondenheid.

Concreet voorbeeld: je zwoegt (en vloekt misschien ook) op een belangrijke keynote. Hoewel het project je slaap en energie kost, voel je je na het geven van de presentatie toch ongelofelijk voldaan en zelfverzekerd. Hoewel het veel van je vroeg, zou je het achteraf gezien zo opnieuw doen.

HINDERANCE STRESSOREN

Typische voorbeelden zijn bureaucratie, rolonduidelijkheid, vage prioriteiten, te veel administratie. Dit soort druk blokkeert of frustreert. Mensen hebben het gevoel dat hun inzet weinig zin heeft, wat leidt tot gelatenheid, afstand en uiteindelijk misschien ook uitval.

Concreet voorbeeld: je krijgt de vraag om dringend een keynote in elkaar te boksen. Hoewel de input vaag is en niemand antwoorden heeft, probeer je er toch het beste van te maken. Eens je presentatie klaar is, blijkt er maandenlang niets mee te gebeuren. Uit frustratie wil je even niemand meer horen.

 

Beide stressoren zorgen voor strain. Maar alleen challenges kunnen ook positief uitwerken; ze vormen een kans om te groeien. Hindrances daarentegen trekken energie weg én ondermijnen motivatie.

marcin-simonides-GYZ9F3U1gBk-unsplash

Wat je als leidinggevende kan doen

Het verschil zit vaak niet in de hoeveelheid werk, maar in de beleving ervan. En daar kan jij impact op hebben.

Bij challenge stressoren laat je werkdruk positief uitwerken door hulpbronnen aan te reiken. Ondersteun bij prioriteiten, geef erkenning, bied ruimte voor reflectie. Laat mensen het gevoel krijgen dat hun inspanning gezien wordt en dat ze erdoor groeien. En niet te vergeten: zorg ook voor voldoende deconnectie.

Met hindrance stressoren ga je dan weer anders om: probeer vooral ballast te schrappen. Kijk kritisch naar processen, administratieve rompslomp, rolverdeling en bureaucratie. Hier helpt geen compliment – hier helpt actie. Leiderschap is dan: blokkades benoemen én wegnemen. Zodat werk weer werk wordt, en geen frustratie.

Werkdrukkwadranten: een gesprekskompas

Hoe weet je welk type stressor speelt? Door het gesprek aan te gaan. Een praktisch hulpmiddel daarvoor zijn de werkdrukkwadranten. Ze brengen twee dimensies in kaart:

  • Intensiteit – Hoe zwaar is de belasting? (veel werk, hoge complexiteit, krappe timing) 
  • Duidelijkheid – Hoe helder zijn de verwachtingen? (wie doet wat, in welke volgorde, volgens welk proces)

De combinatie van die twee levert vier scenario’s op:

 

Duidelijk

Onduidelijk

Hoog intens

Uitdagend, kan motiveren mits herstel

Chaotisch, meer kans op stress en fouten

Laag intens

Productief, ruimte om te groeien

Demotiverend, minder energie en betrokkenheid

Natuurlijk valt niet elke stressor midden in een kwadrant. Het is vooral een tool om het gesprek aan te gaan en werkdruk concreet te maken, zodat je samen kan bespreken welke acties nodig zijn om naar een gunstiger kwadrant te verschuiven.

Enkele handig gespreksankers

Aan de hand van herkenbare zinnen kan je detecteren waar iemand zich bevindt:

  • “Er ligt zoveel tegelijkertijd” → hoog intens, duidelijk
  • “Ik weet niet waar te beginnen” → hoog intens, onduidelijk
  • “Ik kan ermee aan de slag” → laag intens, duidelijk
  • “Dat verandert toch weer” → laag intens, onduidelijk 

Wil je hier verder mee aan de slag binnen jouw organisatie? We maakten een eenvoudig werkdrukkompas dat je gratis kan downloaden, inclusief gespreksankers. Zo maak je werkdruk bespreekbaar – zonder dat je moet gokken wat er écht speelt.

Van druk naar daadkracht

Leidinggevenden hoeven niet in het duister te tasten als het over werkdruk gaat. Door te begrijpen welke soorten druk er spelen en hoe medewerkers die beleven, krijg je een veel gerichter zicht op wat helpt – en wat niet.

Is het een uitdaging? Dan is jouw rol: ondersteunen.
Is het een hinderpaal? Dan is jouw rol: blokkades wegnemen.

Zo wordt werkdruk niet alleen hanteerbaar, maar zelfs een hefboom voor motivatie en groei. Wil je naast het werkdrukkompas extra ondersteuning om er een krachtig en haalbaar gesprek van te maken? Laat het ons weten, we helpen je graag.

ONZE EVENTS

UP TO DATE BLIJVEN ROND DEZE THEMA'S?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Categorieën
Digitaal welzijn Focus

Precrastinatie: niet uitstellen, maar té snel afwerken

Precrastinatie: niet uitstellen, maar té snel afwerken

Niet alles hoeft NU: prioriteiten stellen is een kunst

We kennen allemaal procrastinatie: irrationeel uitstelgedrag. Precrastinatie is het tegenovergestelde, en minstens even verraderlijk. Het betekent dat je dingen te snel wil afhandelen, zonder erbij stil te staan of dat wel nodig of efficiënt is. In deze blog gaan we dieper in op waarom we dat doen, inclusief tips om die reflex bij te sturen.

Precrastinatie in actie: twee voorbeelden

Je ziet thuis dat de vaatwasser klaar is en laadt die nog snel uit, ook al kom je daardoor te laat op je werk. Of je krijgt een vraag van je collega die helemaal niet dringend is (dat staat zelfs letterlijk in de mail), maar je stuurt toch meteen een uitgebreid antwoord – ten koste van de taak die écht prioriteit had. Herkenbaar?

Waarom ‘makkelijk’ soms moeilijker is

Psycholoog David Rosenbaum onderzocht dit fenomeen in een experiment. Hij liet studenten één van twee emmers water verplaatsen. De ene stond vlakbij, de andere veel dichter bij de eindbestemming.

Het is natuurlijk logisch om de laatste emmer te kiezen, want dat spaart je wat energie. Maar wat deden de meeste studenten? Ze pakten direct de eerste emmer op. En dat heeft alles te maken met hoe onze hersenen in elkaar zitten: je krijgt namelijk een dopamineboost omdat je een (deel van een) taak kan afvinken.

Snel wat mails checken en versturen geeft je een zekere kick, in tegenstelling tot je urenlang concentreren op een belangrijk rapport.

Ons brein kiest voor snelle beloning

Een belangrijke reden waarom we zo gevoelig zijn voor precrastinatie, is dat ons brein ingesteld is op genot dat we op korte termijn kunnen bereiken. Taken ‘oppakken’ voelt goed doordat er dopamine vrijkomt. Dat onderdrukt even ongemakkelijke gevoelens, zoals de stress of onzekerheid van een grotere taak die eigenlijk je aandacht verdient.

Daardoor kiezen we vaak niet voor wat belangrijk is, maar voor wat ons nu direct oplucht. Snel wat mails checken en versturen geeft je een zekere kick, in tegenstelling tot je urenlang concentreren op een belangrijk rapport. Dat verklaart waarom het zo moeilijk is om de verleiding van kleine taakjes te weerstaan – zelfs als we rationeel weten dat ze ons niet verder helpen.

Kleine taken ontlasten je geheugen

Naast die dopamineboost is er nog een belangrijke reden waarom we ons laten verleiden door ‘quick wins’. Wanneer je een taak afrondt (hoe klein die ook is), hoef je ze niet meer te onthouden. Er valt een cognitieve last weg, waardoor je werkgeheugen terug ruimte krijgt. Alsof je een openstaand tabblad in je hoofd kan sluiten.

Dat zou wel eens de reden kunnen zijn waarom mensen vaak taken met korte deadlines verkiezen boven taken met een lange deadline, ook al zijn ze even moeilijk. We kiezen liever voor ‘snelle winst’, want ons brein wil gewoon af van dat rammelende taakje op de achtergrond. Logisch? Ja. Help je jezelf er echt mee? Niet altijd.

Als je steeds het ‘laaghangend fruit’ bent aan het plukken, schuif je de échte appels - de belangrijke, inhoudelijke taken - altijd maar voor je uit.

Mentale ruimte creëren… ten koste van de juiste focus

Grotere taken verdwijnen natuurlijk niet. Als je steeds het ‘laaghangend fruit’ bent aan het plukken, schuif je de échte appels – de belangrijke, inhoudelijke taken – altijd maar voor je uit.

Paradoxaal genoeg leidt precrastinatie zo alsnog tot… procrastinatie. Of je krijgt misschien het gevoel dat je een chronisch tijdsgebrek hebt. Want je bent eigenlijk wel de hele dag bezig, maar raakt niet vooruit met wat er écht toe doet.

Competitie tussen doelen

Alsof het allemaal nog niet moeilijk genoeg is, speelt er ook nog een derde factor mee. Onderzoekers Ji Hoon Jhang en John Lynch ontdekten namelijk dat ons brein continu doelen tegen elkaar afweegt.

Concreet: de taak die je op een bepaald moment uitvoert, “concurreert” met andere taken en doelen die in je hoofd blijven sluimeren. Dat verklaart waarom we ons vaak rustelozer voelen naarmate we meer onafgewerkte taken meeslepen: elke dag lijkt druk, ook al valt je workload in de praktijk misschien best mee.

De prijs van kortetermijndenken

Het vervelende is dat mensen door die focus op de korte termijn soms ook plezierige of belangrijke momenten laten schieten. Denk maar aan de sportles die je afzegt, het inspirerende netwerkevent waar je uiteindelijk niet geraakt, of momenten met familie of vrienden die je aan je laat voorbijgaan. 

Je brein kiest instinctief voor gemak, ook al zou je op langere termijn veel meer baat hebben bij zulke activiteiten. Iets wat we eerder al uit de doeken deden in onze blog over de recovery paradox. Om niet te vervallen in precrastinatie, is het – net zoals bij herstel – nodig om bewuste keuzes te maken.

De voor- en nadelen van precrastinatie

Het klinkt misschien als een grote slecht-nieuws-show nu. Maar, ter herinnering, er zitten wel degelijk ook voordelen aan precrastinatie:

  • Mentale ontlasting: kleine taken meteen uitvoeren maakt ruimte vrij in je werkgeheugen. Dat kan rust geven.
  • Snelle actie: soms kan het helpen om momentum op te bouwen, bijvoorbeeld bij repetitieve of eenvoudige taken.

Alleen zijn de nadelen minstens even groot:

  • Verlies van focus: je wordt continu weggetrokken van je prioriteiten.
  • Schijnproductiviteit: je bent druk bezig, maar je boekt geen wezenlijke vooruitgang.

Uitputting: door telkens in te gaan op impulsen, put je je brein uit en blijft er minder energie over voor de écht belangrijke taken.

Precrastinatie is geen fout, het is een automatische respons van je brein. Maar je kan die reflex leren herkennen en bijsturen

Wat kan je concreet doen?

Zoals zo vaak, gaat het om het zoeken naar de juiste balans: erkennen dat precrastinatie soms verlichting geeft, maar tegelijk beseffen dat je er niet te vaak in mag meegaan. Een aantal concrete tips om daarin te slagen:

  • Zie precrastinatie voor wat het is: een mentale reflex, geen prioriteit.
  • Weersta de drang om kleine taken meteen af te vinken. Parkeer ze bewust op een to-do-lijst zodat ze je werkgeheugen niet blijven belasten.
  • Creëer duidelijke ‘singletasking’ momenten. Wat is nú het belangrijkste? Al de rest mag even wachten.
  • Beperk de triggers om je heen: sluit je inbox, zet meldingen uit, werk in focusblokken.

Bij How’s Work geloven we niet in schuldgevoel, wel in inzicht. Precrastinatie is geen fout, het is een automatische respons van je brein. Maar je kan die reflex leren herkennen en bijsturen. Zodat jij weer de taak oppakt die het meeste zín heeft. Niet de eerste die je tegenkomt.

LINK

Speciaal voor HR- en Learning & Development-professionals organiseren we trouwens op 20 oktober het webinarVan FOMO naar Focus”. Daarin gaan we dieper in op de kunst van focus op de werkvloer. Inschrijven is gratis, maar de plaatsen zijn beperkt. Hopelijk tot dan!

ONZE EVENTS

UP TO DATE BLIJVEN ROND DEZE THEMA'S?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief